‘Gerrie Willemsen: 'Dáár zijn waar je nodig bent’
‘Gerrie Willemsen: 'Dáár zijn waar je nodig bent’
De Zutphense Leeuw

Zutphense Leeuw juli 2016 - Gerrie Willemsen: 'Ik wil niet bijzonder zijn'

Zutphense helden, u kent ze wel. Ze zetten zich met hart en ziel in voor de samenleving. Onmisbaar zijn ze, maar wat drijft hen, wat is hun geheim? De Zutphense Leeuw is een schriftelijke onderscheiding die Alize Hillebrink namens Contact uitreikt aan deze helden. De Zutphense Leeuw van deze maand is Gerrie Willemsen.

Met haar Zutphens dialect en innemende karakter opent 'Heufse' Gerrie Willemsen (71) deuren die voor anderen gesloten blijven. De betrokken en bevlogen beheerder van museum Boer Kip is amateur-historicus, expert in 'oral history' en mantelzorger. Bij de tokkende kippen op het erf van wijlen boer Herman Kip vertelt ze over haar liefde voor mensen en oude dingen.

In 2000 kwam ik in contact met bakker Boers. Hij zocht hulp voor een boek over de Hoven. In een werkgroep van vier mensen gingen we aan de slag. Omdat ik Zutphens dialect spreek werd ik als de contactlegger aangewezen om mensen in de wijk te bezoeken voor foto's en verhalen. Oral history noemen ze dat.
Zo kwam ik binnen bij Herman Kip en dat was bijzonder, want hij was heel schuw en liet niet zomaar iemand binnen. Toen ik zag hoe hij leefde en werkte zei ik gelijk: wat zou het leuk zijn als het een museum zou worden. Herman wilde het ook bewaren. Om te laten zien. Hij zag er de waarde van in. Zo heb ik nog een band met hem op kunnen bouwen. Zijn wens was dat het na zijn dood intact zou blijven. En vlak voor zijn dood is het allemaal geregeld. In de zomer van 2006 is het museum geopend. 
Ik ben altijd maar een eenvoudige vrouw geweest. Kom uit een arbeidersgezin met negen kinderen. Mijn vader was boekbinder. Op mijn zestiende wist ik al met wie ik ging trouwen. Een boer, en mijn toekomst was op de boerderij. Na de huishoudschool kreeg ik een betrekking. Daar vond ik niks aan. Ik ging liever in de gezinszorg, daar kon je wat betékenen. Dáár zijn waar je nodig bent. Mantelzorgen heb ik veel gedaan en doe ik nog. 
Na het boek over de Hoven ging ik verder met de geschiedenis van de Mars. Waar ik geboren ben. Ook daar is drie jaar geleden een boek van verschenen. De geschiedenis doorgeven, dat wil ik. Ik heb nog een cassettebandje waarop mijn moeder staat. Vlak voor ze doodging heb ik haar geïnterviewd. Voor mijn kinderen en kleinkinderen maak ik daarvan een kopie.
Het zit in mijn karakter. Mijn kaarsje moet branden, vanuit mijn hoekje voor de ander. Ik wil niet bijzonder zijn. Ik wil zijn zoals ik denk dat ik moet zijn. Omkijken naar de mensen in mijn omgeving en iets doen met de dingen die op mijn weg komen. 

 

Meer berichten