
Abel de Vries: “Het ging heel organisch. Ik wist niet waar het me naartoe zou brengen.” Foto: Sander Grootendorst
‘Niet hier’: Abel de Vries (79) ontdekt zichzelf als romanschrijver
CultuurZUTPHEN – Na koffie te hebben ingeschonken in zijn appartement aan het Stationsplein in Zutphen reikt Abel de Vries het boek aan dat hij heeft geschreven, zijn romandebuut. Op het omslag de tekening van een brug. Als vanzelf denk je: de oude IJsselbrug. Weinig mensen wonen dichter bij die brug dan De Vries tegenwoordig. “Nee”, zegt hij, “dat is niet hier. Het is de Waalbrug bij Nijmegen.”
Door Sander Grootendorst
Die opmerking doet een ander lampje branden: Niet hier is immers de titel van het boek. De schrijver zal daarmee dan wel bedoelen dat het zich niet hier, niet in Zutphen, maar elders, in elk geval óók in Nijmegen, afspeelt. Die gedachte blijkt gedeeltelijk juist. De Vries: “Zonder al te veel te verklappen: het gaat over een architect op sabbatical. Hij weet van zichzelf niet meer of hij nog gepassioneerd is voor zijn vak. Hij beseft dat hij zoekende is en dat hij het niet hier zal vinden, dat hij op reis moet, weg van hier. Wát hij hier niet zal vinden? Antwoorden op vragen die hij nog moet formuleren.”
Een raakvlak doemt op, De Vries is zelf van beroep ook architect. “Ik las dat elke schrijver veel ingrediënten uit zijn eigen leven in zijn verhalen verwerkt, maar dat wil natuurlijk niet zeggen dat elke roman een autobiografie is. Ik ben architect, maar altijd wél gepassioneerd gebleven, al ken ik architecten die op hun vak zijn afgeknapt.”
Vuurland
“De zoektocht die de hoofdpersoon onderneemt, en die hem over de route naar Santiago de Compostela en naar Vuurland voert, wordt langzamerhand overgenomen door andere gebeurtenissen die hun oorsprong vinden in Nijmegen.” Die stad veroverde een belangrijke plek in het boek omdat De Vries een vriendin in Nijmegen had. “De relatie duurde niet langer dan twee jaar, maar van Nijmegen ben ik blijven houden.” In zijn eigen Achterhoek is De Vries geen onbekende, met name in Doetinchem, waar hij jarenlang theater de Kleine Holte bestierde. Zes jaar geleden verhuisde hij naar Zutphen, hij voelt zich hier “als een vis in het water”.
“De titel Niet hier had ik al aan het begin van het schrijfproces, toen ik nog helemaal niet doorhad dat het weleens een boek zou kunnen worden. Ook de naam van de hoofdpersoon, Puip Tonk, was er al snel. Ja, inderdaad, wie heet er nou Puip? Een vraag die de hoofdpersoon zichzelf ook stelt.” In De Vries’ omschrijving van de totstandkoming van Niet hier klinkt verbazing door. Verbazing over zichzelf, over hoe het boek uit zijn geest ontsproot, over het feit dat hij überhaupt dit boek heeft geschreven. Hij was blijkbaar zelf óók op zoek naar antwoorden op nog niet geformuleerde vragen en stuurde daartoe een man genaamd Puip op pad. “Ik ben van nature helemaal geen schrijver en nu debuteer ik in mijn tachtigste levensjaar. Dat vind ik mooi.”
Overdonderd
“Heb je trouwens die teksten op de achterflap gelezen? Ben er wel trots op.” En, opnieuw, verbaasd… “Zeg maar gerust overdonderd.” De schrijvers Wilfried de Jong en Bert Wagendorp geven op de achterflap beknopt hun oordeel over Niet hier. “Dit is architectuur en poëzie ineen. Een wonderlijk gebouw van woorden”, stelt De Jong. Wagendorp spreekt van een “psychologische thriller”, een “ingenieus gecomponeerde roman”.
Ik ben van nature geen schrijver en nu debuteer ik in mijn 80ste levensjaar. Dat vind ik mooi
Je kunt je De Vries’ verbazing voorstellen, want hij heeft helemaal niet het idee dat hij bewust aan het componeren is geweest. “Het ging heel organisch. Ik wist niet waar het me naartoe zou brengen.” “Ik heb in mijn leven veel geschreven, van liefdesbrieven tot gedichten. Mijn gedachten noteerde ik weleens in de vorm van columns. Het is misschien wel vijftien jaar geleden dat ik bleef hangen bij een beeld dat ik had vanaf de Waalbrug in Nijmegen, kijkend in de richting van de Ooypolder. Het blééf me achtervolgen. Wat dat was voor een beeld? Ik ging erover schrijven.”
De zoektocht was begonnen… “Maar die was niet constant, ik liet het ook een tijd liggen. Zo langzamerhand groeide toch een verhaal. Ik liep ook wel eens vast. Een van de keren dat dat gebeurde heb ik een tweede persoon geïntroduceerd.” Waarna het verhaal zijn reis vervolgde.
Missie
Het boek is af, de missie volbracht – zonder dat De Vries ooit het gevoel had met een missie bezig te zijn. Zit er, achteraf gezien, toch iets in dat hij de lezers – onbewust – heeft willen meegeven? “Dat denk ik wel”, zegt hij. Volgt een kort curriculum vitae: “Afgestudeerd als architect belandde ik in het theater en de beeldende kunst. Heb een literair café georganiseerd en straattheater. Rolde binnen bij de Stichting voor Kunst en Cultuur in Arnhem, waar ik me bezighield met eigentijdse muziek en jazz. Heb onder meer ook nog in de jury van de VPRO-Boy Edgarprijs gezeten.” “Daar ben ik allemaal niet zelf naar op zoek geweest, maar als ik een deur zag openstaan heb ik wel altijd naar binnen gekeken en als het me wat leek, stapte ik erop af. Eigenlijk ging dat mijn hele leven zo. Uiteindelijk kom je dan ergens aan.”
Abel Pieter de Vries: Niet hier. Uitgeverij Fagus. Zondag 30 november (14-15.00 uur) signeert de auteur het boek bij Van Someren & Ten Bosch in Zutphen.








