Laura (links) en Yade showen de nieuwe personeels-outfit op het terras van het jubilerende Volkhuis. Eigen foto

Laura (links) en Yade showen de nieuwe personeels-outfit op het terras van het jubilerende Volkhuis. Eigen foto

‘Toffe plek’ het Volkshuis al 125 jaar lang alcoholvrij

Maatschappij

ZUTPHEN – In deze tijd van snel, sneller, snelst is het weinig horecagelegenheden gegeven dat ze hun 125e verjaardag kunnen vieren. Het Volkshuis aan de Houtmarkt in Zutphen bereikt volgende week die mijlpaal.  Springlevend als nooit tevoren.

Door Sander Grootendorst

Op de dag van het interview met de bedrijfsmanager is het druk in de zaak. Even zien, is zij dat, daar tussen het personeel bij de kassa? Ja, klopt, ze steekt haar hand uit en stelt zich voor: Marieke Pelgrum. Ze tapt een kopje koffie en neemt het mee naar haar kantoor op de eerste verdieping.

We gaan zitten aan een bureau met uitzicht, niet op de Houtmarkt, maar op de parallel lopende Rode Torenstraat aan de achterkant van het pand, historisch gezien eigenlijk een voorkant.

Allemaal puzzelstukjes informatie die al min of meer de bouwstenen vormen van het tegenwoordige Volkhuis. Eerst maar een slok koffie nemen. “Zo, die smaakt zeer goed.” “Fijn om te horen”, zegt Pelgrum. A propos: De koffie is hier zeer goed, zo luidt de titel van het boek dat toenmalig stadsarchivaris Jaap Riemens in 1998 schreef bij het eeuwfeest van het Volkshuis. Het móest het van koffie, thee en limonade hebben, want uit principe werd geen alcohol geschonken. “En dat doen we na 125 jaar nog steeds niet”, zegt Pelgrum. “Wel hebben we tegenwoordig alcoholvrij bier.”

De Vereeniging tot afschaffing van den sterken drank had in 1898 een belangrijk aandeel in de oprichting van het Volkshuis. Pelgrum: “Er was in Zutphen, en ook in veel andere plaatsen, heel veel drankmisbruik. Het loon werd vaak in de kroeg meteen weer uitgegeven.” Zonder alcohol en alle maatschappelijke problemen van dien kan het óók gezellig zijn, betoogden de Vereenigings-leden. Daar kregen ze groter gelijk in dan ze hadden kunnen bevroeden: het is inmiddels 125 jaar gezellig in het Volkshuis. De huidige manager zit er relatief nog maar zeer kort: sinds november vorig jaar. “Ik kende het vóór mijn sollicitatie niet. Al bij het eerste bezoek viel me de warme sfeer hier binnen op. In deze prachtige authentieke omgeving. Wat een toffe plek, dacht ik. Niet voor niets wordt het ‘de huiskamer van Zutphen’ genoemd.”

Het voortbestaan van de ‘huiskamer’ hing in 1987 aan een zijden draad; in feite ging het failliet. Maar rond zijn negentigste verjaardag onderging het alcoholvrije koffiehuis op het nippertje een levensreddende operatie. Het kreeg als het ware een nog unieker karakter dan het al had: de bediening zou voortaan bestaan uit mensen met afstand tot de arbeidsmarkt, om de huidige benaming te gebruiken. Ze laten zien dat ze in het Volkshuis helemaal op hun plek zijn, en niet de mindere van anderen. Dát manager Pelgrum daarnet tussen ‘haar’ werknemers stond, als primus inter pares, is kenmerkend voor het Volkshuis sinds 1988.

Vijf cent
Niet de mindere, wel anders. Niet zo snel als de vlotte obers en serveersters in moderne restaurants bijvoorbeeld. Waardoor het een beetje lijkt of de tijd in het Volkshuis wat langzamer gaat. Dat is, met 125 jaar op de teller, natuurlijk oké. Je waant je tussen de muren of op het terras van het Volkshuis soms even aan het eind van de negentiende eeuw, toen je voor vijf cent een glas limonade kon bestellen. Of wilde je een flesje? Dat was dan acht cent…

Schijn bedriegt, de tijd is niet stil blijven staan, de prijzen ook niet. En de mensen niet. Een nieuwe, verrassende tendens, zegt Pelgrum: “Je ziet hier steeds meer jongeren. Het is voor hen heel gebruikelijk om even naar een restaurant te gaan. De ‘oudjes’, alle vaste klanten, zijn er nog steeds. En grootouders met kleinkinderen. Of iemand die een tijdje op zijn laptop komt werken. Dat kan hier ook.” Een bonte mix van Zutphenezen, Zutphenaren en toeristen. 

“Niet iedereen weet dat je soms wat langer moet wachten. Toeristen die hier voor het eerst zijn, zullen vast wel eens denken: Ik heb een tosti besteld, dat hoeft toch geen kwartier te duren?” Te midden van het personeel bevinden zich twee begeleiders, één op de werkvloer en één in de keuken. Ze grijpen niet in, net zomin als Pelgrum, wanneer ze zich in het restaurant begeeft. “Maar we gaan er soms wel naast staan en vragen of we kunnen helpen. We zijn dan gewoon collega’s van elkaar.” 

Voordat ze naar het Volkshuis overstapte, werkte Pelgrum jarenlang bij ZoZijn, ook al voor mensen met een beperking dus. Beter gezegd: mensen met mogelijkheden. “Dat blijkt hier elke dag weer. Ik kijk trots rond hoe goed ze de zaak draaiende houden. We bieden de cliënten een veilige werkomgeving. Ze kunnen zichzelf zijn, hoeven zich niet te bewijzen.” 

Met iedereen meegerekend werken er zo’n veertig mensen bij het Volkshuis: “Cliënten, studenten, leerlingen, stagiair(e)s en vast personeel. Elk jaar gaan we van het fooiengeld een dagje uit. Echt met z’n allen.” Het leven als werknemer bij het Volkshuis is zo slecht nog niet. “Momenteel zijn er drie cliënten al vijfentwintig jaar in dienst.” 

“De kleinschaligheid past in het plaatje van Zutphen”, zegt Pelgrum. “Bij de mooie panden die je ziet als je door de stad loopt. Wist je dat het Volkhuis eigenlijk uit twee pandem bestaat? Wat nu de keuken is aan de Rodetorenstraat, het restaurant zelf aan de Zaadmarkt. Ooit zat er een steegje tussen. Zó bijzonder vind ik dat.”

Kleding
Veranderingen in het Volkshuis voltrekken zich vrijwel ongemerkt. Draagt het personeel nou sinds kort andere kleding? Jazeker, dat is een van de acties die Pelgrum na haar entree heeft ondernomen. “Net even wat representatiever.” Ze appt een foto door waarop de medewerksters Yade en Laura het de outfit op het Volkshuisterras showen. Van dit plaatje is een grote puzzel gemaakt en bij de jubileumviering volgende week zijn de vijfhonderd puzzelstukjes te koop: de opbrengst gaat naar de nieuwe kleding van het keukenpersoneel.

Pelgrum heeft ook de menukaart gemoderniseerd, maar de appeltaart volgens oud-Zutphens recept is vanzelfsprekend gehandhaafd. Eenmalig wordt de menukaart in de feestweek (dinsdag 5 tot en met vrijdag 8 september) aangevuld met lekkernijen van weleer: Broodje bal, hamburgermenuutje, apfelstrudel met vanillesaus en, last but not least: de Zutphense uitsmijter. Bijpassende drank: een glas ranja misschien? Of toch maar een biertje 0.0?

Het Volkshuis heeft lange tijd een hotelfunctie gehad. Tegenwoordig bevinden zich appartementen boven het restaurant. Foto uit: Jaap Riemens: 'De koffie is hier zeer goed.'

Advertenties doorgeplaatst vanuit de krant