Ad ten Bosch voor boekhandel Van Someren & Ten Bosch aan de Turfstraat in Zutphen. Foto: Henk Derksen
Ad ten Bosch voor boekhandel Van Someren & Ten Bosch aan de Turfstraat in Zutphen. Foto: Henk Derksen

Ad ten Bosch: 'Mijn hart klopt sneller voor de IJssel dan voor de Amstel'

Algemeen

ZUTPHEN - Ad ten Bosch wilde een boek schrijven als herinnering aan zijn vader. De schrijver en voormalig uitgever schreef het ter ere van het 175-jarig bestaan van de boekhandel Van Someren en Ten Bosch. "Zonder mijn vader was ik geen boekhandelaar geworden."

Door Alize Hillebrink

Noot van de redactie
De cursief geschreven tekstgedeelten komen het uit boek 'De IJssel stroomt feller dan de Amstel' van Ad ten Bosch.

Ad ten Bosch (68) wilde geen boek met feiten en cijfers, daarin zou hij zich alleen maar verliezen. Het werd een boek vol memorabele herinneringen waar hij vier jaar over deed. "Graven in het geheugen is niet straffeloos. Je haalt van alles overhoop. Goede en slechte herinneringen. Hoe langer je er mee bezig bent, hoe dieper je komt."

Geboren in Zutphen groeide hij op aan de Boompjeswal. Hij was 'de jongen van de andere kant' die speelde met de kinderen uit de volkswijk Polsbroek. De verhuizing op zijn elfde naar de woning boven de boekwinkel aan de Turfstraat 19, maakte aan het buitenspelen in één klap een eind. "Ik vond het vreselijk, miste een omgeving met tuinen en een park voor de deur."

Als jongen van elf kreeg hij bij drukkerij Nauta aan de Zaadmarkt in een loden regel zijn naam in spiegelschrift. "Bosch met sch?" had de zetter gevraagd. Hij nam het als trofee mee naar huis, niet beseffend dat hij een leven zou krijgen dat in het teken zou staan van boeken.

Ad ten Bosch was tussen 1977 en 1996 boekverkoper van Boekhandel Van Someren & Ten Bosch. Vanaf 1989 was hij vier jaar uitgever van de uitgeverij Athenaeum-Polak & Van Gennep. Hij schreef de romans Vera Cruz voorbij, Nachtwind, Erfenissen, Huidhonger, In Florence, de verhalenbundel De tuin in Biak en Gebroken lied over zijn vriendschap met Ida Gerhardt. In zijn boek: De IJssel stroomt feller dan de Amstel, schrijft hij over zijn herinneringen als boekverkoper, uitgever en schrijver. 

Als zoon van een boekverkoper was de boekwinkel een vertrouwde omgeving. De geur van papier en inkt meende ik te kunnen onderscheiden van die in een kantoorboekhandel of tijdschriftenzaak.

Het is donderdag. Marktdag in Zutphen. We zitten in zijn 'stamkroeg' Chapeau. Af en toe steekt Ad zijn arm de lucht in, knikkend en zwaaiend naar voorbijgangers. "Ik ken hier heel veel mensen."

Zijn blazer valt joviaal om zijn schouders. Hij leunt met zijn ellebogen op tafel en kijkt me indringend aan. "Alles stond in het teken van de winkel. Het was ons levensonderhoud. Een fait accompli."

Wij waren ons in de kamers er permanent van bewust dat onder onze voeten het belang van het gezin werd gediend.

Het geluid van de winkeldeur, de bons van een fiets tegen de winkelruit, de ouderwetse papieren kassastrook, waaraan je kon zien hoe druk het was geweest; het zijn de meest herkenbare herinneringen. Vader hield de strook vast en een van ons liep met het opgerolde deel achteruit. 'Gisteren bereikten we de voorkamer. Zien hoe ver we nu komen.'

"Mijn vader was een rustige en bescheiden man. Een verstilde man die zat te lezen in zijn boek. Zijn uitspraken waren subtiel, doordacht. Hij kon gortdroog zijn en zeer treffend. Hij kon iets met één woord zeggen."

Het is 1964 wanneer het 'schandelijke' boek Ik Jan Cremer verschijnt. Het boek dat onder de toonbank werd verkocht en waar in de winkel constant naar werd gevraagd, dat 'vieze' boek maakte indruk op de jonge Ad. Zijn vader had de exemplaren van te voren discreet ingepakt in Sinterklaaspapier.

Alles draaide om de klanten. "Wanneer ik zondags met mijn vader door de stad wandelde nam doorlopend zijn hoed af, om een bekende te groeten. Om die reden deed vader zijn vier kinderen ook op verschillende scholen. Met het verspreiden van zijn kinderen over de scholen hoopte mijn vader op de klandizie van die scholen, want de boek- en kantoorboekhandel leverde alles wat een lagere school nodig had.

Thuis was voor Ad als kind geen ontspannen plek. "Eigenlijk heb ik geen goede herinneringen aan thuis." Een ongedurige moeder, een in zichzelf gekeerde vader. Daarbij zorgde het wonen boven de winkel voor "een permanente dynamiek onder je voeten." Een bevriend psychiater vertelde hem dat wonen boven de plek waar het geld voor het gezin wordt verdiend, allesbehalve bevorderlijk is voor de harmonie binnen dat gezin.

IJssel
De IJssel bood troost. "Als kind zwierf ik langs de oevers, hing ik eindeloos op de kade rond." Vissen, onderaan de Bult van Ketjen, in de haven. "Ik was dertien toen ik een binnenvaarschipper ruzie zag maken met iemand van een aangemeerde plezierboot. Ik bemiddelde met mijn steenkolenengels. Het bleek Sir Arthur Gordon Strang, directeur van de Rolls Royce-fabriek. Hij liet zijn boot zien en toonde twee glanzende motoren. De IJssel stond voor mij symbool voor verbinding met de wereld. Als kind keek ik naar het stromende water en dacht: 'later drijf ik zo de wereld in'."

"Waar ik ook ben, ik meet de wereld vanaf Zutphen. Met het nulpunt bij de Bult van Ketjen, aan de IJssel. Nog altijd heb ik twee fietsroutes die ik graag fiets, één langs de IJssel, die ik in gedachte 'De Ida Gerhardt-route' noem, de andere naar Almen, die noem ik de route door het 'Land van Staring'."

Zijn vader had de winkel in 1947 overgenomen van Hagenbeek, toen nog gecombineerd met kantoorartikelen en antiquariaat. Het antiquariaat was een geliefde plek van vader, daar bewaar ik de mooiste herinnering aan hem.

Maar vader had reuma en het viel hem steeds zwaarder de winkel draaiende te houden. De jonge Ad zat in Canada en vernam dat het niet goed ging. Bij zijn terugkomst in Nederland bood hij zijn vader aan de zaak over te nemen. Daar hoefde hij geen seconde over na te denken, dat vond hij niks: ik was niet geschikt, te onrustig.

Na zijn dood in 1977 nam Ad onder het motto 'liever kleine baas dan grote knecht' de winkel over. Een van zijn drijfveren was dat hij daarmee zijn vader voor zichzelf in zekere zin in leven hield. "Ik nam het over om iets van mijn vader in stand te houden. Voor mij is het altijd de boekwinkel van mijn vader gebleven."

Voor de zesentwintigjarige Ad brak geen gemakkelijke tijd aan. Sinds de jaren vijftig was er niks meer aan de winkel veranderd en er moest iets gebeuren. De omzet rechtvaardigde een verbouwing echter niet. Er was sprake van een penibele financiële situatie en Ad kreeg zelfs het advies om te stoppen. Maar hij zette door. De afdeling kantoorbenodigdheden ging eruit en hij verdubbelde het winkeloppervlak. Door alle veranderingen en activiteiten groeide de omzet en het vertrouwen, maar het werd hem ook veelvuldig te verstaan gegeven 'dat zijn vader dat nooit gedaan zou hebben'.

"De gloriejaren in de Zutphense boekhandel duurden van 1977 tot 2008. Zutphen telde op een gegeven moment twaalf boekhandels en drie antiquariaten. Bij mijn start als boekverkoper bezat Zutphen per hoofd van de bevolking ongeveer de meeste boekwinkels van Nederland. "Mulisch, Reve, Hermans, het waren de schrijvers die de literatuur droegen."

De boekwinkel van Ida
Een paar jaar na de overname maakte Ad op confronterende wijze kennis met Ida Gerhardt. Een kennismaking die het begin van een jarenlange vriendschap inluidde en die zou duren tot haar dood.

Als Ad op een middag zijn winkel binnenstapt treft hij een razende onbekende vrouw aan. Zijn personeel staat platgedrukt tegen de boekenwanden. Het is Ida Gerhardt.

Wat was er aan de hand? Die dag was haar bundel 'Het sterreschip' verschenen en ze had een rondje langs de boekwinkels in Zutphen gemaakt. Uitgerekend bij Van Someren & Ten Bosch trof ze de bundel niet aan. Mijn personeel had daar geen verklaring voor. Ik deed de inkoop.

… uit haar houding sprak een diepe teleurstelling op het randje van de wanhoop. Ik wist niet of wij schuld hadden aan die razernij. Daar had alle reden toe kunnen zijn. Ik had onvoorbereid de boekhandel overgenomen, en leerde met vallen en opstaan het vak.

De andere klanten in de winkel wachtten gespannen af. Met de beste bedoelingen betrad ik het strijdperk en nam me voor dat mens in ieder geval tot bedaren te brengen. Misschien was ze wel een van die interessante bewoners van het psychiatrisch centrum in het naburige Warnsveld. 'Ah, u bent meneer Ten Bosch? Ik ben Ida Gerhardt. Moet u eens luisteren…'

De ontmoeting is het begin van een opmerkelijke vriendschap. Ida is dan 74 en Ad 28 jaar.

In de jaren die volgen groeit de vriendschap tussen Ida en Ad. Vrijwel wekelijks maakt hij tochtjes met haar en haar vriendin Marie van der Zeyde ('Marietje'). In mijn herinnering heb ik met Ida en Marietje de IJssel tussen Kampen en Zutphen aan beide oevers bekeken. De auto was voor de dames een tijdmachine.

Bij de foto: Ida signeert De adelaarsvarens voor Tonio van der Heijden, staat het volgende in het boek:
Die middag is een foto gemaakt waar ik een beetje over Ida heen hang en haar hand vasthoud. Ze signeert een bundel voor Tonio van der Heijden, die in juni van dat jaar was geboren. Ida was nagenoeg blind. Ze zette haar handtekening op de tast, letter voor letter. 'Gaat het goed, Ad, gaat het goed?'  Foto: Ab van der Kloot

Meer en meer werd de boekwinkel de boekwinkel van Ida en dat vormde geen onbelangrijke bijdrage aan de ontwikkeling en het succes ervan. Ook signeersessies van voorname schrijvers als Maarten 't Hart, Harry Mulisch en Jeroen Brouwers zorgen voor een verhoging van de omzet. En dan nog de steevaste 'nazit' met de prominenten boven de boekwinkel.

… op mijn zolderkamer… had je een formidabel uitzicht over de pannendaken van de middeleeuwse stad. Ooit riep Brouwers dat het hem aan Hasselt in België deed denken. Martin Veltman heeft er een middag stilzwijgend naar staan staren en Mulisch klopte er een keer zijn pijp in de dakgoot uit, stopte een nieuwe en blies de rook in de richting van de Wijnhuistoren.

Na twintig jaar doet Ad de winkel over aan Jaap Deen en drie jaar later verhuist hij naar Amsterdam. Nog wekelijks komt hij in Zutphen. "Ik leef in beide steden. Ik ben naar Amsterdam gegaan om mensen te ontmoeten, maar ik werk het liefst in Zutphen." Lachend: "In Zutphen word ik niet verleid om naar het café te gaan. Gevoelsmatig is Zutphen nog altijd mijn thuis.

"Soms neem ik vrienden uit Amsterdam mee. Als ze dan over het Agnietenhof uitkijken, wanen ze zich in Frankrijk. In Zutphen is nog sprake van de eenvoudige menselijke maat. Amsterdam bezwijkt onder de toeristen."

"Vanuit mijn kantoor aan de Groenburgwal zag ik de Amstel stromen. Als ik dan in Zutphen de IJssel zag, viel me op hoeveel feller die stroomt. Mijn hart klopt ook sneller voor de IJssel dan voor de Amstel. Ik ben meer een Achterhoeker dan een westerling."

De geur van papier en inkt
Een leven zonder boeken is voor Ad onvoorstelbaar. "Mijn hele leven heb ik me met boeken beziggehouden. Met de geur van papier en inkt. Ik kan aan papier ruiken wat erin zit, lompen loog, oxide." Hij wrijft zijn duim en wijsvinger over elkaar alsof er een muntje tussen zit. "Ik kan het verschil tussen 80 en 90 grams papier voelen."

"Zonder mijn vader was ik geen boekhandelaar geworden. Ik weet niet wat er anders van mij terecht zou zijn gekomen. Los van het feit dat het een mooi vak is."

Lezen is een activiteit van de geest, maar met een gedrukt boek ook enigszins van het lijf. Je ruikt het papier, je ruikt de inkt, je voelt het boek in je handen, je voelt het papier bij het blad omslaan, je ziet de glans van het licht op de strijk laag. In druk zijn vele variaties denkbaar, op een beeldscherm alleen in typografie.

"Een boekhandel is een plek waar de verbeelding wordt geprikkeld. Je kunt er iets vinden wat je niet hebt gezocht, je kunt er een idee opdoen dat je leven beïnvloedt en misschien wel verandert."

Hij beseft dat het boekenvak tegenwoordig lastiger is dan ooit. Niet zonder afschuw: "De laatste vijf jaar is er in Europa geen papiermachine meer geproduceerd! De papierproductie is de afgelopen tien jaar gehalveerd."

"Ik zou niet zonder een papieren boek willen, en zolang het spreken van een papieren boek in mijn oren klinkt als een pleonasme, is een e-reader niet aan mij besteed."


Boekpresentatie 
De boekpresentatie van 'De IJssel stroomt feller dan de Amstel' van Ad ten Bosch is op vrijdag 3 mei bij Boekhandel Van Someren & Ten Bosch, Turfstraat 19, Zutphen, tussen 19.30 tot 21.00 uur, inloop 19.00 uur.
Vanaf vrijdag 3 mei is 'De IJssel stroomt feller dan de Amstel' te koop in de boekhandel. Prijs: 22,50 euro.

Advertenties doorgeplaatst vanuit de krant