A.L. Snijders | Rolls Royce

  Column

Hoe gaat het met de adel? Zijn dat wel slimme lui, of lijden ze aan inteelt? Dat vraag ik me af als ik naar het prachtige landhuis kijk, dat me op afstand houdt met grote borden: ‘Geen Toegang. Privé Terrein.’

Ik ben eraan gewend, ik loop hier vaak. Gisteren zag ik hoe twee fietsers, een man en een vrouw, de borden negeerden en ontspannen naar het huis fietsten. Jammer dat ik weer geen kijker bij me had, ik was benieuwd naar de ontknoping. De vrouw reed voorop, de man volgde nonchalant. Ik had een origineel idee, ik realiseerde me dat ik gedirigeerd werd door vooroordelen, veroorzaakt door de norse borden en de onschuldige fietsen. Dit waren natuurlijk de eigenaars van het landhuis, de graaf en de gravin. Het waren gewone, adellijke mensen die ook van fietstochtjes hielden. Het was zelfs mogelijk dat ze boodschappen hadden gedaan in het belendende dorp. Ik was weer eens bedrogen door mijn socialistische hang naar gelijkheid en mijn jaloezie op hun Rolls Royce in de garage, terwijl ik het moest doen met een tweedehands Volkswagen. Gedachten die elkaar dwarszaten en die ik trouwens ook weer moest herzien – ze kwamen terugfietsen. Nu reed de man voorop, de vrouw volgde. Ik had zin hem te vragen hoe de vork in de steel zat, maar ik aarzelde, ik had slechte ervaringen met ongevraagde ingrepen op de openbare weg. Dat was natuurlijk weer in Amsterdam, waar ik ooit woonde. Het was op de Zeedijk, een beruchte buurt waar veel onrecht plaatsvond. Ik zag dat twee junks een ouder Canadees echtpaar bedrogen. Ik bemoeide me ermee, maar moest rake klappen incasseren, zonder dat ik iets bereikte. Sindsdien heb ik mijn rechtvaardigheidsgevoelens op de openbare weg op een laag pitje gezet. Maar nu, zestig jaar later in de rust van de Achterhoek, kon ik het toch niet laten. Terwijl hij mij voorbij reed, vroeg ik de man of hij de eigenaar van het landgoed was. Hij stopte meteen en begon een gesprek, als een Amsterdammer. Dat bleek hij ook te zijn, een gepensioneerde Amsterdammer. Hij reisde met zijn vrouw door Nederland. Hij zei: ‘Wat een prachtig land hebben we.’ Ik besloot niets te zeggen over de Rolls Royce en de borden Privé Terrein, ik knikte instemmend en gaf hem een hand.

Meer berichten
 

Dagelijks het laatste nieuws in je mailbox ontvangen?

Aanmelden