Oerend Smart | Zwart-wit

  Column

Alleen samen krijgen we corona onder controle. Samen? Onze aanvankelijk zo saamhorig ogende samenleving in het begin van de coronacrisis lijkt inmiddels behoorlijk te verharden. Gelatenheid en solidariteit lijken plaats te maken voor sentiment en polarisatie.

Ik vond het opvallend hoe kalm en eensgezind de strijd tegen het coronavirus begon. We volgden tamelijk volgzaam de adviezen van de overheid op, deden lijdzaam ons publieke leven op slot, applaudisseerden samen voor de zorg. We stonden - op gepaste afstand - schouder aan schouder.
Dat had misschien te maken met een gezamenlijke, onbekende vijand: het coronavirus. Het virus oversteeg afkomst en politieke voorkeur. Corona kon iedereen treffen. Het was dichtbij. Dat maakte het makkelijk daar samen tegen op te staan.

In onze samenleving woedt niet alleen het coronavirus. Er zijn sluimerende virussen, die niet zo aan de oppervlakte liggen en die niet iedereen in dezelfde mate treffen. Ook die zullen we samen het hoofd moeten bieden.
Hoe eensgezind de strijd tegen corona, hoe verdeeld de strijd tegen racisme. Niet zo gek, want het is niet iets wat ons allen treft. Maar we zijn wel allen betrokken. Ik zag in de media vaak voorbijkomen dat de blanke, geprivilegieerde Nederlander niet geconfronteerd wilde worden met zijn pijnlijke blinde vlek. Misschien is dat zo, maar helpt deze benadering ons om samen het probleem op te lossen?
We blijven op deze manier namelijk tegenover elkaar staan: black versus white lives. De kloof lijkt zelfs groter te worden. De onderdrukten trekken zich gekwetst terug in hun eigen kamp; de vermeende onderdrukkers trekken zich verbolgen terug in hun traditie, of in zichzelf door een spontaan schuldcomplex. Nu ben ik geen expert in dialogen, maar dit gesprek lijkt me weinig constructief. Als zwart-wit denken één van de oorzaken is van racisme, zal het vast niet ook de oplossing zijn.

De laatste tijd moet ik vaak denken aan een vrij onbekend verhaal over Nelson Mandela. Historicus Rutger Bregman vestigde er weer de aandacht op. Tussen de vrijlating van Mandela en zijn presidentschap brak er bijna een burgeroorlog uit. Een ontmoeting tussen Mandela en de aanvoerder van de pro-apartheidbeweging verijdelde de strijd.
Hoe kom je tot elkaar als je lijnrecht tegenover elkaar staat? Mandela verwelkomde zijn tegenstander met een grote glimlach en schonk thee voor hem in. In plaats van hun verschillen uit te lichten, kweekte hij verbondenheid door op de overeenkomsten te wijzen tussen de vrijheidsstrijd van de Afrikaners tegen de Britten, en zijn eigen strijd tegen de apartheid. Maar het belangrijkste: Mandela sprak hem aan in zijn eigen taal. Het geheim? Mandela benaderde zijn opponent niet als tegenstander, maar als naober.

Kunnen we opnieuw beginnen als naobers, met de focus op wat ons bindt en minder vanuit misnoegen en verwijten van beide zijden? Liefde gaat door de maag, dus ik zeg: laten we onze verhitte discussies verruilen voor warme maaltijden.

Sylvia Heijnen is oprichter van de Koppelkerk - vrijplaats voor kunst en cultuur in Bredevoort

Meer berichten
 

Dagelijks het laatste nieuws in je mailbox ontvangen?

Aanmelden