Column Oerend Smart - Zwetende lijken

  Column

De storm heeft goed huisgehouden in de bossen van Staatsbosbeheer. Eeuwenoude grove dennen, beuken, eiken en douglas-sparren hebben zich te gronde gestort. Het oogt triest. De enorme bomen zijn als gestorven soldaten, achtergelaten op het slagveld. Voor het bos is dit echter een enorme opsteker. Op de open plekken komt weer licht op de bodem, er komt meer structuur en over een aantal maanden liggen er overal 'zwetende lijken'.

Het bos is een dynamisch geheel. Er gebeurt van alles. In het voorjaar schieten stinzenplanten de bodem uit, in het najaar paddenstoelen, en in de winter is het stil en koud. Elk jaar volgt het bos deze cyclus. Maar eens in de zoveel tijd vindt er een ingrijpende verandering plaats. Dat kan gebeuren via houtoogst, maar ook via natuurlijke weg. Een storm is zo'n natuurlijke verstoring, waardoor het bos als het ware weer wordt wakker geschud. Grote bomen die omvallen creëren enorme openingen in het kronendak waardoor licht op de bosbodem valt. Met de omgekieperde bomen gebeurt iets heel interessants.

Iedereen heeft wel eens een verrotte boomstam opgetild om te kijken wat er onder zit. Soms schieten tientallen tot honderden torren, pissebedden, duizendpoten en andere insecten weg. Deze grote bijeenkomst van insecten komt doordat het materiaal van de boom langzaam wegrot (letterlijk nat wordt en gaat 'zweten') en voor een groot voedselaanbod zorgt. Niet alleen de hogere insectensoorten maar ook het bodemleven wat piepklein is profiteert hiervan. Zij ruimen de restjes van de restjes weer op. En vervolgens zijn er schimmels en bacteriën die weer de restjes van de restjes van de restjes opruimen. Uiteindelijk komt veel organisch materiaal van de boom op deze manier weer terug in de bodem. En dat is belangrijk.

Organisch materiaal zorgt namelijk voor een buffer tegen verzuring van de bosbodem. Door jarenlange atmosferische depositie van stikstof en zwavelverbindingen verzuurt de bodem van de Nederlandse bossen langzaam steeds meer. Vooral op arme zandgronden vormt dit een groot probleem. Kostbare mineralen als magnesium en kalium, spoelen door verzuring de bodem uit (kostbare voedingsstoffen worden door regenwater en grondwater afgevoerd) en kunnen niet worden opgenomen. De kenmerkende Achterhoekse eiken hebben veel last van deze bodemverzuring. Bomen krijgen minder blad, takken worden afgestoten en de sapstroom loopt terug. Een opportunist als de eikenprachtkever, die leeft van de bast van eiken, valt verzwakte exemplaren aan. Soms zo erg, dat na enkele jaren de boom al sterft (til het schors maar eens op van een dode eik, en ontdek de vraatsporen van de kevers onder de bast).

Een goede storm zorgt voor veel omgevallen bomen, veel organisch materiaal en dus voor een stevige buffer tegen de verzuring. Ga eens op zoek naar de zwetende lijken. Bewust zijn vele bomen na de storm blijven liggen. Deze basenrijke, organische cocktail geeft het bos weer een levendige boost. Het bos reguleert zichzelf zo misschien wel meer dan we denken. Oude, zwakke bomen vallen eens in de zoveel tijd om bij een zware storm, de verzuring wordt geremd en de jonge bomen kunnen in een gezond milieu opgroeien. Slim bedacht toch?

Hielke Alsemgeest

reageer als eerste
Meer berichten
 

Nieuwsoverzicht

Meer berichten