Columns

350 jaar Achterhoek | Bennie Jolink: 'Laten we niet te gering over onszelf denken'

Bennie Jolink, Hemelvaartsdag 2018. Foto: Henri Walterbos
Bennie Jolink, Hemelvaartsdag 2018. Foto: Henri Walterbos (Foto: Henri Walterbos)

Door Henri Walterbos

Op 6 september 1946 zag hij het levenslicht in Hummelo. Op een uitstapje naar Enschede en Amsterdam na vertoeft hij al zijn hele leven in de plaats waar hij nog steeds als 'Bennie van de Schilder' door het leven gaat, iets waar hij zich het beste bij voelt. Als frontman van Normaal werd hij 40 jaar nationaal 'bezit' voor plattelanders en werd de band bij leven al cultureel erfgoed.

De eerste keer dat Bennie besefte dat de Achterhoek voor hem speciaal was was het moment dat hij in Enschede woonde, weet hij nog. "Ik was al getrouwd en Ferdi (Jolij,HW) had er met zijn hoogzwangere vrouw geen plek om te wonen. Waar wij woonden hadden wij aan de voorkant nog een winkeltje, met nog een kamer, een keukentje en een wc'tje. Heb ik gezegd dat hij daar wel mocht wonen. Later werd het nog onbewoonbaar verklaard trouwens," lacht hij. "Het begon op het moment dat de wc verstopt raakte en ik hem vroeg of hij mee kon helpen graven, want ie driet ok op dezelfde plee, zei ik. Toen zei Ferdi tegen mij 'woarum proat ie eigenlijk veural Nederlands?' Ferdi den proaten zelf zo onmundig plat. 'Ja, woarum eigenlijk,' anwoordde ik. Dat vroag ik mien ok af. Dat doo'k thuus nooit. Dat was misschien wel een beginnetje."

Dat Bennie 'Ambassadeur van de Achterhoek' genoemd wordt doet wel iets met hem. "Daar ben ik beslist trots op, maar hetzelfde als over het zelfbewustzijn van plattelandsjongeren in de goeie richting helpen, dat zijn geen dingen die ik moet zeggen. Dat moeten anderen maar zeggen, want opscheppen dat heb ik afgeschaft. Ik was ook heel erg trots ten tijde van de varkenspest, toen Normaalfans er trouwens nog van werden beschuldigd dat die dat verspreiden zouden, toen hebben wij de winst van een optreden en de opbrengst van een single 't Is Stil naar een zekere boer Melis gebracht. Een grote boom van ne kearl. Nog niet eens zo´n groot bedrag, waar de schade ook lang niet mee gedekt was, maar die man had de tranen in de ogen staan en zei 'Gij zijt den enigste die nog an ons denkt'. Nou dat deed mij wel wat", vertelt Bennie met een ernstige blik.

"Ik weet absoluut niet de samenstelling van het voer van de varkens of van de kippen, maar soms wordt je gebombardeerd tot een boerenwoordvoerder. Dat voelde wel als een plicht trouwens. Als er bijeenkomsten waren en er werd mij gevraagd iets te doen in die richting, dan voelde ik me wel verplicht."

Hummelo is zijn hemel op aarde. Welke plekjes in de Achterhoek zijn nog meer bijzonder voor hem? Dan volgt er een opsomming, met aan het eind een brede lach. "De Kappenbulten, de Vennebulten, de Heksenplas, de Schans." Allen plekken waar gecrost wordt. "Vanaf Hummelo binnendoor fietsen naar Hengelo of Lochem, dat zijn ook heel erg prachtige routes met hele mooie stukken land trouwens."

Jolink vindt het van groot belang dat jongeren de Achterhoek niet de rug toekeren. "Het is erg jammer dat juist die categorie wegtrekt. De categorie van 20 tot 40 jaar die kinderen krijgt. Dat is ook jammer voor de scholen. Er is werk in de Achterhoek, die mensen moeten we koesteren. Het is belangrijk dat zij hier blijven, werken en geld verdienen, kinderen krijgen. Dat is niet alleen belangrijk voor de scholen maar ook voor de gehele economie, en de gehele sfeer hier in de Achterhoek. Starterswoningen zijn om die reden ook erg belangrijk en er mag wel iets meer aan poppodiums gedaan worden."
Ook over het arbeidsethos geeft hij hoog op. "De arbeidsmoraal in de Achterhoek is erg goed. Niet drammen maor anpakken. Niet lullen maor poetsen. Kijk eens naar al die busjes met bouwvakkers, timmerlui en stratenmakers die naar het westen gaan. Ik vraag me af of ze die daar zelf wel eens hebben. Die komen allemaal uit de Achterhoek."

Als de toekomst van de Achterhoek ter sprake komt is hij bloedserieus. "Laten we niet te gering over onszelf denken. Iets meer zelfvertrouwen mogen we wel hebben. Ik praat nog wel eens met Guus (Hiddink, HW). Dan zeg ik: "Achterhoekse beroemde sportlui als Klaas Jan Huntelaar, Robert Gesink, die hebben een overeenkomst. Zij hebben geen grote bek, zijn geen opscheppers. Gewoon doen en goed je werk doen. Daar moet je niet over schreeuwen en opscheppen", aldus Jolink, die vervolgt: "Ik bun een echte Achterhoeker, maar gin typische Achterhoeker. Ik heb wél een grote bek." En weer lacht hij. Bennie is weer goed in orde.

reageer als eerste
Meer berichten